Polen spreekt onze taal
We zijn meteen in onze nopjes in dit nog onbekende land. Al op de boot worden we met een enorme glimlach onthaald en voelen we ons op onze plek tussen de vette hap etende truckers.
We zijn gecharmeerd van de eenvoud van de campings, de mooie natuur, de vriendelijkheid van de mensen, de hoeveelheid producten in de supermarkt. Zelfs houdbare melk is hier te koop.
Om het land goed te leren kennen maken we weer een meerdaagse wandeling. De Kazubski trail (139 km als je altijd goed loopt). Wij spreken een heel klein beetje pools en de mensen van middelbare leeftijd (net als wij dus) soms een paar woorden buiten de deur.
Wildkamperen mag in principe niet, we hebben dus de mooiste plekjes helemaal voor onszelf. Wel adviseren we dit overtreden van de regels niet in de voortuin te doen van de burgermeester. We ontmoeten de liefste mensen, die we dan wellicht niet verstaan maar wel begrijpen en krijgen bosbessen en bier mee voor onderweg (♡).
Op de eerste dag van de wandeling kijken we naar de zonsverduistering.
Wandelmaaltijd: Kötbullar van rendieren uit Zweden (een ritueel afscheid van Scandinavië) met vers geplukte vossenbessen.
Wakker worden in de tuin van de burgermeester. Na lang onderhandelen en een charmeoffensief mochten we toch blijven.
Onderweg komen we veel kraanvogels tegen die ook naar het zuiden trekken.
Lekker wildkamperen in het bos.
Klaproos en gerst.
Onderweg even een rustmoment.
De route loopt langs heel veel mooie meren.
Ze staat er gekleurd op.
De bosbessen waren al op, het biertje hebben we de hele dag gedragen tot het mooiste moment van de dag.
Een nachtje op de camping is ook wel eens fijn, zeker als het regent.
Terug in Sierakowice en dan nog even de laatste loodjes naar Bruce.